| Welke activiteiten en kosten komen NIET voor subsidie in aanmerking? | |
|
3.10 Niet subsidiabel zijn: 1. Initiële scholing waaronder wordt verstaan een reguliere vak- of beroeps- opleiding, ook niet als tweede opleiding. 2. HBO, bachelor- en masteropleidingen 3. Meerjarige opleidingen (ook niet het eerste jaar daarvan) 4. Ontwikkelassesments, onderzoekskosten, reorganisatiekosten, kosten van certificering 5. Deelname van werknemers aan lokale, regionale en landelijke symposia, conferenties, lezingen, ontmoetings-, uitwisselings- en beleidsdagen 6. Scholing in het buitenland 7. Implementatietrajecten, loopbaanonderzoek en coachingsgesprekken 8. Huisvestings-, huur- en overnachtingskosten en kosten van diners. 9. Reiskosten 10. ICT-kosten: hieronder dienen te worden verstaan: licenties, ICT dienstverlening, demonstraties, inrichting en instructies, conversie, installatie, projectmanagement, onderhoud, helpdesk, reiskosten inclusief de opleiding eindgebruikers. 11. Loonkosten, van de werknemer zelf, besteed aan het volgen van een cursus, 12. De vervangingskosten van de deelnemer door de instelling evenals de organisatiekosten (kosten van bemiddeling, coördinatie, begeleiding en directie) komen niet voor vergoeding van het fonds in aanmerking. 13. BTW kosten. 14. Interne opleidingen 15. Voorbereidingskosten van docenten 16. Certificeringskosten 17. Scholingskosten waar geen middelen uit het B-fonds meer voor zijn 18. Onvolledige en onvoldoende onderbouwde scholingsaanvragen. 19. Scholingskosten van werknemers van instellingen waarvoor geen premie wordt afgedragen aan het fonds. |
|
| Voor de volledige regeling klikt u hier. | |

